Hoofdstuk 1

Gevoelige snaren

Hoofdstuk 1

Vermoeid tilt Linn de zware bijl nog een keer boven haar hoofd. Dit is het laatste blok, dan is het genoeg om de kachel weer voor een avond te stoken. Veel hout is er niet meer en de blokken die er liggen zijn helaas te groot om zo in de oven te duwen. Over een paar dagen wordt hopelijk de verwarming gemaakt. Dan hoeft ze het huis niet meer met het houtkacheltje warm te stoken. Na de laatste slag valt de bijl bijna uit haar krachteloze armen. Buiten adem gaat ze op het hakblok zitten en steunt op de steel van de bijl. Ze laat haar hoofd op haar armen rusten tot het draaierige gevoel minder wordt.

Het laatste jaar was er werkelijk niets gemakkelijk gegaan. Nadat Johan was omgekomen, was het erg moeilijk geweest om alleen in het appartement in Stockholm te wonen. Ze had keihard gewerkt om in de muziekwereld aan de top te komen en het verlies te verwerken.

Linn veegt haar bezwete voorhoofd af en bekijkt vervolgens haar handen. In korte tijd hadden zich daar al enkele blaren gevormd door het ongewone werk. Trillend op haar benen raapt ze de houtblokken op en loopt met de hele stapel in haar armen langzaam het paadje naar haar voordeur op.

Ze had weg gewild uit het appartement in Stockholm dat ze met Johan had gedeeld. Weg van het hectische drukke leven. Gelukkig hadden haar ouders via vrienden kunnen regelen dat ze in dit huisje kon trekken. Toen ze ziek werd, had ze nog niet eens de helft van de verhuisdozen uit kunnen pakken. Die dag was ze met een bonkend hoofd en hoge koorts naar het dichtbij zijnde dorpje gereden om nog snel wat inkopen te doen. Weer thuis had ze alles nog net in de keuken kunnen zetten om daarna boven de wc te hangen om over te geven. Ze was haar bed ingedoken met een enorme hoofdpijn en rillend van de koorts. Ruim een week was ze ziek geweest. Het enige waar ze haar bed voor uitgekropen was, was om wat te drinken te halen en om naar het toilet te gaan. Pas de laatste twee dagen had ze weer wat bouillon en crackers kunnen eten. Het enige positieve was misschien dat al deze ellende precies in de tijd viel dat ze een paar maanden vrij was. Pas over paar maanden begon ze aan de tour met het Nationale orkest dat haar als solovioliste zou begeleiden.

 

Voorzichtig, om de houtblokken niet te laten vallen in het laatste restje sneeuw dat er nog ligt nu het voorjaar is begonnen, beklimt ze de drie treden naar het kleine terras voor haar huisdeur. Ze draait zich half om en probeert met haar elleboog de klink van de deur naar beneden te duwen. Net als ze een tweede poging onderneemt, hoort ze achter zich zware voetstappen. Met een ruk draait ze zich om, waarbij de toch al instabiele stapel houtblokken uit haar handen glijdt, splinters achterlaat in haar handen en met veel lawaai op het terras klettert. Vlak achter haar blokkeert een forse man het kleine trappetje. Geschrokken doet Linn een stap achteruit en struikelt over de houtblokken die over het hele terras verspreid liggen. De man steekt razend snel zijn arm uit en behoedt haar voor een val door haar naar zich toe te trekken. Linn die toch al wankel op haar benen staat, valt tegen hem aan. Met haar vuisten duwt ze hem weg en zoekt steun bij de muur. Ze staart hem aan.

‘Sorry, dat ik je zo laat schikken. Ik wilde je helpen met het openen van je deur.’

Linns hart bonkt in haar keel. Ze kent de man niet, maar eigenlijk kent ze niemand hier in de buurt. ‘Geeft niet.’ antwoordt ze met een schorre stem. Ze bukt om de houtblokken weer op te rapen en houdt hem van uit haar ooghoeken in de gaten.

Snel knielt hij naast haar. ‘geef maar hier’, zegt hij terwijl hij de houtblokken van haar overneemt. ‘Het is tenslotte mijn schuld dat je ze hebt laten vallen.’ Hij neemt haar van top tot teen op. Ze ziet er erg breekbaar en heel jong uit. Haar gezicht is zo wit als een doek en ze heeft donkere kringen onder haar van schrik wijd open staande ogen. Hij stapelt alle blokken in één van zijn sterke armen, staat op en opent de deur. ‘Waar wil je ze hebben?’ vraagt hij over zijn schouder.

Linn wijst naar een houten kist naast de kachel. ‘Daar’, zegt ze.

De man legt de blokken hout in de kist en slaat daarna de houtsplinters van zijn handen en de mouw van zijn jas en draait zich naar haar om. ‘Ik zal me even voorstellen. Ik ben Lars, je buurman. Ik woon met mijn vrouw in het huis dat jij nog net tussen de kale bomen door kunt zien.’ Hij wijst door haar keukenraam naar buiten. Hij steekt zijn grote hand uit.

‘Ik ben Linn Gustafsson,’ antwoordt ze, haar hand aarzelend uitstekend. Lars omvat haar hand in een warme stevige handdruk, waardoor ze meteen weer weet dat haar handen onder de blaren en vol splinters zitten. Haar gezicht vertrekt van pijn.

‘Sorry, ik wilde je geen pijn doen. ‘Lars greep wordt losser en hij draait haar hand met de palm naar boven om hem te bekijken. ‘Dat ziet er lelijk uit. Die splinters moeten er uit anders gaan de wondjes ontsteken.’

 Linn zoekt steun bij de keukentafel en knikt. ‘Eerst even uitrusten en dan zal ik er wat aan doen.’

Lars laat zijn ogen over haar tengere gestalte gaan. Ze is tegen het magere aan. In haar bleke gezicht lijken haar donkergrijze ogen te groot en haar mond te breed. Haar steile roodblonde haar komt tot op haar schouders. ‘Ik kwam langs om te kijken of alles in orde was.’ zegt hij schouderophalend. ‘We wisten dat er iemand in dit huis getrokken was, maar de laatste dagen zagen we niemand meer.’

‘Ik had griep’, zegt Linn, ‘maar nu gaat het wel weer, en dat komt goed uit, want het wordt hoog tijd om inkopen te doen. Ik heb bijna niks meer in huis.’

‘Woon je hier dan alleen?’ Ze lijkt veel te jong om zelfstandig te wonen, denkt hij. ‘Heeft niemand boodschappen voor je gedaan of voor je gezorgd heeft toen je ziek was?’

Linn strijkt een lok haar uit haar gezicht en schudt haar hoofd. ‘Ik ken hier niemand en kon dus ook aan niemand laten weten dat ik ziek was of dat ik iets nodig had.’

Lars wrijft met zijn hand in zijn nek. ‘Sorry, normaal was ik al veel eerder langs gekomen, maar m’n vrouw is twee weken geleden bevallen van ons dochtertje. We hadden onze handen vol.’ Hij kijkt Linn aan. ‘Kom vanavond bij ons eten. Dat ben ik je wel verschuldigd nu ik je zo heb laten schrikken.

Linn schudt haar hoofd. ‘Nee, dat kan ik niet aannemen, jullie hebben het te druk met jullie eigen gezinnetje en…’

‘Natuurlijk wel. Het loopt nu weer veel rustiger thuis. Mijn zusje is vorige week komen helpen en mijn vrouw voelt zich prima. Lars haalt zijn mobieltje uit zijn broekzak. ‘Dus knap je een beetje op, dan bel ik even naar huis dat ze rekening moeten houden met een extra eter.’

Linn aarzelt en haalt dan haar schouders op. ‘Goed, dankjewel.’

Terwijl Lars belt, duikt Linn de kleine badkamer in. Daar wast ze voorzichtig haar pijnlijke handen en haar gezicht en haalt een borstel door haar haren. Gelukkig had ze haar haar vanmorgen gewassen waardoor het nu zacht en glanzend is. Ze knijpt in haar wangen om er wat kleur op te krijgen en doet nog een beetje mascara en lippenstift op. Verkleden hoeft niet, ze heeft een nieuwe spijkerbroek en een zachte warme trui aan, dat is netjes genoeg.

Lars bergt net zijn telefoon op als Linn de keuken weer binnen komt. Hij draait zich om als hij haar hoort aankomen. ‘M’n vrouw wil heel graag kennis met je maken, je bent van harte welkom’, zegt hij. ‘Kom, dan gaan we.’

Linn loopt achter hem aan naar de voordeur en pakt in het voorbijgaan haar jas van de kapstok. Bij het houthakken had ze het warm genoeg gehad, maar nu is het te fris. Ze sluit de deur af en loopt samen met Lars over het smalle besneeuwde grindpad naar zijn huis. Voor de deur van zijn huis stampt Lars zijn laarzen schoon en trekt ze daarna op de mat in het halletje uit. Linn volgt zijn voorbeeld en hangt haar jas op. Nog voordat Lars de tussendeur naar de grote woonkeuken kan openen, zwaait die al open en rent en peuter lachend op zijn vader af. Lars tilt hem hoog op en knuffelt het ventje. ‘Dit is Michel, mijn jongste zoon.’ Michel kijkt verlegen in haar richting.

‘Hallo Michel,’ zegt Linn zacht. Het jongetje stopt zijn gezicht weg in de hals van zijn vader, maar gluurt vanaf die veilige plek nieuwsgierig naar haar. Met Michel op zijn arm loopt Lars de keuken binnen. Linn volgt hem. Aan de keukentafel zit een blonde vrouw met een baby op haar arm. Naast haar zit een blonde jongen van een jaar of negen. Achter het fornuis staat een donkerharige vrouw het eten voor te bereiden. Iedereen kijkt op als Lars, gevolgd door Linn binnen komt. Lars zet zijn zoontje neer en loopt naar de vrouw achter het fornuis en geeft haar een kus waarna hij iedereen voorstelt. ‘Linn dit is mijn vrouw Enya. Aan tafel zit mijn zusje Tindra met mijn dochtertje Lisa en mijn zoon Aaron.’ Linn knikt vriendelijk naar iedereen.

Aaron kijkt haar ronduit nieuwsgierig aan. Tindra glimlacht.

‘Jullie kunnen Linn beter geen hand geven,’ vervolgt Lars. ‘Haar handen zitten namelijk vol blaren en splinters van het houthakken. Dat herinnert mij eraan dat daar nog naar gekeken moet worden.’

Enigszins verlegen met de situatie zegt Linn: ‘Ja, dat doe ik vanavond thuis wel.’ Lars schudt zijn hoofd. ‘Volgens mij kunnen we dat beter direct regelen.’

‘Ik kijk er wel even naar,’ zegt Tindra zacht. ‘Als jij de baby even wilt overnemen…’

Lars loopt naar zijn zus toe en neemt de baby van haar over.

Aaron glijdt van zijn stoel. ‘Mag ik de splinters zien?’ vraagt hij aan Linn.

Linn laat hem haar handen zien. ‘Zo hé, dat is een grote!’ wijst hij. ‘Dat doet straks vast hartstikke zeer als Tindra hem er uithaalt.’

‘Echt waar?’ vraagt Linn. ‘Dan denk ik dat ik ‘m maar laat zitten.’ Ze stopt haar handen achter haar rug. Met grote ogen kijkt Aaron haar aan. ‘Dat kan niet hoor,’ zegt hij met een serieus gezicht, ‘dan gaat het ontsteken en dat doet nog veel meer pijn. Tindra kan het echt heel goed hoor.’

Linn bijt op haar onderlip. ‘Echt?’ Aaron knikt bevestigend. Ja, Tindra heeft bij een dokter gewerkt.’

 ‘Oké, dan moet het maar,’ geeft Linn aarzelend toe.

 

Tindra neemt Linn op. Ze is een opvallende verschijning met roodblond  haar, grote donkergrijze ogen en een tenger gestalte. Ze fronst haar wenkbrauwen. Waarom komt ze me zo bekent voor?

 ‘Kom maar even mee naar boven’, zegt ze, ‘De verbanddoos staat in de badkamer.’

Tindra loopt voor Linn uit en haalt de verbanddoos uit een kastje. ‘Ga daar maar zitten.’ Ze knikt met haar hoofd naar een krukje.

Linn gaat met een zucht van opluchting zitten. Ze voelt zich duizelig van het traplopen. Ze leunt met haar hoofd tegen de koele badkamertegels en kijkt met half gesloten ogen naar Tindra. Die zit op de rand van het bad en rommelt in de verbanddoos, op zoek naar de splintertrekker en een ontsmettingsmiddel. Ze is knap, vindt Linn. Met een gelijkmatig gezicht en lang golvend lichtblond haar. Als Tindra opkijkt, ziet Linn dat haar ogen, omrand met lange wimpers, een diepblauwe kleur hebben. Tindra heeft gevonden wat ze nodig heeft en zet de verbanddoos op de grond. ‘Nou laat je handen maar eens zien.’

Linn strekt beide handen uit. Voorzichtig houdt Tindra haar handen vast en bekijkt de blaren en de al rood geworden plekken rondom de splinters. ‘Je handen zijn zwaar werk duidelijk niet gewend.’

‘Klopt’, lacht Linn.

Haar handen zijn smal met slanke lange vingers. Sterk en soepel door het vele vioolspelen. Tindra wrijft met haar duimen over Linns vingertoppen. De huid is stevig maar er is geen spoortje eelt te zien. ‘Ik zal beginnen met de kleine splinters, die zijn er zo uit. Deze drie zitten diep, dus dat zal wat vervelender zijn.’ wijst ze.

‘Ga je gang,’ zegt Linn terwijl ze haar ogen sluit. Tindra legt Linns linkerhand op haar knie en trekt een voor een de splinters er uit. Al snel is de laatste splinter van die hand aan de beurt. Linn ontspant zich zo veel mogelijk. Ze voelt zich nog steeds zweverig en de pijn in haar hand maakt het er niet beter op. Tindra peutert de diepzittende splinter er uit en de tranen schieten in Linns ogen.

‘Zo deze hand is klaar’, zegt Tindra.

Linn knipperde haar ogen. Een traan rolde over haar wang.

‘Gaat het?’ vraagt Tindra.

Linn knikt en produceert een zwak glimlachje. Ze ziet Tindra door een waas. Ze knippert een paar keer met haar ogen om het beeld weer scherp te krijgen. Zweetdruppels staan op haar voorhoofd. ‘Ik voel me nog niet zo fit na de griep’, mompelt ze.

Tindra laat haar hand los en pakt een washandje van een stapel uit het badkamermeubel. Ze maakt het nat met ijskoud water. ‘Dit helpt misschien’, en strijkt met het koude washandje over Linns voorhoofd, langs haar slapen en langs haar polsen. Haar blik dwaalt over het breekbaar uitziende meisje. Linn heeft haar ogen weer gesloten. De roodbruine wimpers steken donker af tegen haar bleke huid. Dan staart Tindra ineens in twee zachtgroene ogen en slaat die van haar snel neer.

‘Dank je, dat voelde heerlijk,’zei Linn.

Tindra legt het washandje weg en pakt de splintertrekker weer op. Zonder Linn nog een keer aan te kijken vraagt ze: ‘Zullen we de rest van de splinters er uit halen?’ Linn steekt haar andere hand uit en Tindra’s blonde hoofd buigt zich er weer overheen. Na nog twee pijnlijke diepzittende splinters, is het klaar. Linn zucht van opluchting en kijkt toe hoe Tindra haar handen ontsmet en pleisters plakt op de plekken waar de splinters hebben gezeten.

‘De blaren kunnen beter vanzelf opdrogen.’ Tindra kijkt Linn vluchtig aan. ‘Als je ze doorprikt is er meer kans op infectie.’

‘Bedankt, ’zegt Linn en staat langzaam op. Tindra ruimt de verbanddoos op en gaat haar voor naar beneden.

De tafel is gedekt. Enya staat eten op te scheppen. Michel zit in een kinderstoel, de baby ligt in de box.  Aaron schenkt met uiterste concentratie limonade in bekers. ‘Hier mag jij zitten’, zegt hij en wijst op de stoel naast Michel. Linn schuift op de plek die haar aanwezen wordt en krijgt een bord met heerlijk uitziende gehaktballetjes in champignonsaus met groenten en aardappeltjes voorgezet. Naast haar zit Michel enthousiast zelf zijn eten met een lepeltje naar binnen te werken. Lars die aan de ander kant van het ventje zit, helpt hem daar af en toe bij. Aaron zit tussen zijn moeder en tante in. ‘Ik moet zo nog oefenen, voor de voorstelling,’ zegt hij tussen twee happen door. ‘Op de muziekschool hebben we over een paar dagen een uitvoering, en ik mag een solo doen.’

Lars glimlacht. ‘Hij speelt heel goed viool.’zegt hij tegen Linn. Haar blik schiet verrast naar Aaron, die zit te glunderen door de lovende woorden van zijn vader. Enya geeft hem een aai over zijn bol.

Linn slikt een brok in haar keel weg. Ze is midden in een gelukkig gezinnetje terecht gekomen. Het gemis van haar ouders en Johan geeft haar een steek in haar maag. Voordat ze zichzelf de kans geeft om weg te zakken in treurige gedachten, stopt ze de pijnlijk gedachten die in haar opkomen weer weg en tovert een glimlach op haar gezicht. Ze kruist Tindra’s blik en is zich er niet van bewust dat de pijn duidelijk in haar ogen te lezen staat.

Waar heb je gewoond voordat je in het huisje naast ons trok?’ vraagt Enya belangstellend.

‘Ik heb een appartement in Stockholm. Maar ik wilde een tijdje weg uit de stad.’

‘Heb je hier familie wonen?’ vraagt Tindra.

Linn die net een hap in haar mond had, schudt haar hoofd. ‘Nee, mijn ouders wonen in Malmö en ik heb ze al meer dan een maand niet gezien. Verder heb ik geen familie.

‘Woonde je in Stockholm alleen?’ vraagt Tindra verder.

 Linn aarzelt. Het onderwerp van het gesprek ging de verkeerde kant op. Ze wilde niet over Johan praten. Ze was hier komen wonen om opnieuw te beginnen en niet meer in het verleden te blijven hangen. ‘Ja, het laatste jaar wel.’ Ze richt zich tot Enya om het gesprek op een ander onderwerp te krijgen. ‘Het eten is heerlijk. Het spijt me dat ik niet veel gegeten heb, ik vrees dat m’n maag eerst weer moet wennen aan gewone maaltijden. De afgelopen dagen bestonden die alleen maar uit bouillon met crackers.’

Enya wuift haar verontschuldigingen begripvol weg.

 

Na het eten, haalt Enya de baby uit de box die met een huiltje aangeeft, dat het voor haar ook etenstijd is. Ze trekt zich met het kleintje terug om haar de borst te geven, te verschonen en daarna in haar bedje te leggen. Aaron verdwijnt naar boven om zijn muziekstuk te oefenen, terwijl Lars Michel naar bed brengt. ‘Nou dan ruim ik de boel maar af,’ zegt Tindra en begint de borden op te stapelen.

‘Zal ik even helpen met afruimen?’ vraagt Linn.

‘Ja fijn, zeg Tindra. Samen lopen ze naar de keuken.

‘Het spijt me als ik daarstraks aan tafel iets vroeg waardoor er vervelende herinneringen in je opkwamen,’ zegt Tindra terwijl ze de stapel borden van Linn aanpakt. ‘Ik had niet zo nieuwsgierig moeten zijn.’

Linn haalt haar schouders op. ‘Ach, zo’n rare vraag was het niet, maar ik vind het inderdaad niet fijn om er over te praten.’ Tindra schakelt de vaatwasser in en pakt de koffiekan. ‘Ga maar alvast in de woonkamer zitten, dan zet ik koffie.’ Linn laat zich op de bank zakken en bladert even in één van de tijdschriften die er liggen. Even later zijn Lars en Enya terug.

Tindra volgt met een blad met kopjes en een thermoskan koffie en schenkt vier kopjes in. Nog geen minuut later stampt Aaron van de trap af. Met een boos gezicht stormt hij de woonkamer in. In zijn handen houdt hij zijn viool en strijkstok. ‘Het gaat niet!’ roept hij uit.

‘Wat gaat er niet Aaron?’ vraagt Lars.

‘Ik krijg de goede tonen niet te pakken en ik snap niet waarom. Anders gaat het altijd wel goed.’ Aarons stem klinkt bibberig.

‘Wat raar.’ Lars pakt de viool van Aaron aan kijkt met een frons op zijn gezicht naar het instrument. ‘Ik zie niets geks.’

‘Mag ik even kijken?’ vraagt Linn. ‘Misschien weet ik wat er aan de hand is.’ Aaron pakt de viool uit zijn vaders handen en geeft hem aan Linn. Ze bekijkt de snaren en pakt daarna de viool beet als een gitaar. Met haar vingers tokkelt ze één voor één langs de snaren. ‘De tonen klinken niet in de goede volgorde en twee snaren zijn niet goed gestemd’, zegt ze dan. Na nog een blik op de snaren, glimlacht ze. ‘Je probleem is zo opgelost Aaron.’

‘Echt?’ vraagt Aaron.

‘De snaren zijn zeker pas vervangen?’

‘Ja, papa heeft er gisteren nieuwe opgezet.’

‘Ik heb toch niets stuk gemaakt hè?’ vraagt Lars. ‘Ik had nog nooit eerder snaren erop gezet, maar het leek me niet zo moeilijk.’

Linn schudt haar hoofd. ‘Nee, er is niets stuk. Ze zitten alleen in de verkeerde volgorde, daar valt niet mee te spelen,’ antwoordt Linn. ‘Als jij even een tangetje voor me hebt, dan zal ik ze er goed opzetten.’ vervolgt ze tegen Aaron.

Aaron rent al naar boven om het benodigde te halen.

Tindra kijkt Linn nieuwsgierig blik aan. ‘Hoe wist je dat zo snel?’

Linn haalt haar schouders op.‘Ik speel zelf viool.’

Enya lacht verrast ‘Oh wat leuk, doe je dat al lang?’

‘Zo ongeveer m’n hele leven, ik ben violiste.’

 Aaron rent de kamer binnen en overhandigt Linn het gevraagde tangetje. Linn haalt de knopjes los waaronder de snaren vastzaten aan de kast van de viool en windt de snaren los bij de hals. Ze legt ze één voor één naast zich neer. ‘Kijk,’ wijst ze Aaron. ‘Dit is de E-snaar en dit de D-snaar, ze zijn verschillend van uiterlijk. Lars kijkt over de schouder van zijn zoon mee. ‘Dit is ook afhankelijk van het merk, maar dat herken je snel genoeg. Deze zijn trouwens van goede kwaliteit.’

Aaron zit er met zijn neus bovenop, terwijl Linn voorzichtig de snaren op de goede plek bevestigt. Haar roodblonde haar valt als een waterval voor haar gezicht, terwijl haar tengere handen nauwkeurig aan de snaren werken. Als alle snaren weer op de viool zitten, laat ze haar vingers langs de snaren gaan. De tonen klinken nu in de juiste volgorde. Eén voor één stemt Linn de snaren door ze strakker te spannen.

Tindra slaat haar aandachtig gade. Ze weet weer waar ze Linns van kent. Ze had haar foto gezien op de folder waarmee haar dochter Laura een tijdje geleden is thuisgekomen. Laura is gek op muziek en wil musicalster worden. Ze weet zeker dat Linn, Linnéa Gustafsson is, de beroemde violiste. Haar hart klopt in haar keel, haar handen zijn klam. Daarstraks in de badkamer had ze ineens vlinders in haar buik gekregen toen ze Linns gezicht met het natte washandje had afgenomen. Linn had haar daarna zo warm aangekeken, dat ze van haar stuk was geraakt door de verwarrende emoties die door haar heen schoten.

‘Kan je me je strijkstok aangeven?’ vraagt Linn aan Aaron. Linn zet de viool aan haar schouder en speelt enkele toonladders. Daarna geeft ze de viool aan Aaron. ‘Alsjeblieft, hij doet het weer.’

‘Dank je wel.’ Blozend van blijdschap pakt Aaron de viool van haar over. ’Wil je straks nog even naar mij luisteren als ik klaar ben met oefenen?’

‘Graag,’ antwoordt Linn oprecht. Aaron grijnst en loopt huppelend de kamer uit.

Tindra schrikt op uit haar gedachten. Ze steekt haar hand uit om haar koffie te pakken, roert de suiker er door en neemt voorzichtig een slokje. Over de rand van haar kopje kijkt ze naar Linn.

‘Dat was erg aardig van je om Aaron te helpen met zijn viool,’ zegt Lars. ‘Die arme jongen komt de laatste weken wat aandacht te kort door de komst van zijn nieuwe zusje. Ik heb mijn gedachten er niet altijd helemaal bij de laatste tijd.’

‘Ik ben blij dat ik hem kon helpen, hij keek zo teleurgesteld,’ antwoordt Linn. ‘Nu kan hij weer oefenen. Een solo spelen is erg spannend.’

 Enya knikt. ‘Ja, hij is erg gemotiveerd, hij speelt pas één jaar maar doet het erg goed. Elke dag oefent hij met veel plezier. Maar jij speelt dus ook viool?’ pakt ze hun afgebroken gesprek weer op.

Linn knikt. ‘Ik speel al vanaf m’n vijfde. Er viel een korte stilte tot Tindra zegt: ‘Jij bent Linnéa Gustafsson, die briljante jonge violiste. Pas negentien jaar oud. Laura kwam laatst nog met een folder over haar en dat orkest waarbij ze speelt binnen’, legt ze uit aan Lars. Tindra buigt zich naar voren om haar lege koffiekopje op tafel te zetten. ‘De afgelopen weken heb je ook overal in de kranten en bladen gestaan! Ik heb pas nog een artikel over je gelezen.’

Linn verschuift ongemakkelijk op de bank. Wat heeft Tindra allemaal over haar gelezen? De roddels die door de pers naar buiten gebracht waren, bezorgen haar elke keer weer een misselijk gevoel. Vooral de zogenaamde romance die ze met de pianist Marcel Hansson zou hebben. Terwijl ze in werkelijkheid voortdurend door hem werd lastig gevallen. Zo erg zelfs, dat ze hem had aangeklaagd voor seksuele intimidatie. Overal waar zij was, was ook hij opgedoken.

‘Wat fantastisch, zo jong nog en dan al zo succesvol.’ De enthousiaste uitroep van Enya onderbreekt haar gedachten. ‘Aaron zal het geweldig vinden als hij dit hoort. Je bent een groot voorbeeld voor hem.’

Linn glimlacht naar haar. ‘Ik ben de laatste tijd inderdaad nogal in het nieuws geweest en het is niet altijd even leuk om aangesproken te worden over alles wat de roddelbladen over je vertellen.’

Lars klopt geruststellend op haar arm. ‘Daar zou me niet te veel zorgen over maken. In dit kleine dorpje zijn de mensen heel nuchter.’

Tindra leunt achterover in haar stoel en probeert zich te herinneren wat ze ook al weer had gelezen. Volgens haar ging het over een stukgelopen relatie met een of andere pianist. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat Linn niet verder op haar vraag was ingegaan daarnet aan tafel.

Ook nu weer leidt Linn handig het gesprek naar een ander onderwerp. ‘Genoeg over mij. Wat hebben jullie voor beroep?

‘Ik werk in de bosbouw’, zegt Lars, ‘en ben regelmatig dagenlang bezig in de bossen met houtkap en het vervoeren van boomstammen naar de papierfabriek bezig.

Enya heeft voordat de baby er was deeltijds als leerkracht gewerkt in de plaatselijke basisschool, maar heeft besloten die baan voorlopig op te zeggen, om meer tijd voor het huishouden en de kinderen te hebben.’

‘En wat doe jij?’ vraagt Linn aan Tindra.

‘Ik heb de opleiding tot doktersassistente gedaan en een tijdje in een praktijk gewerkt, maar nu ben ik al een paar jaar fulltime schrijfster. Ik ben momenteel aan mijn vierde kinderboek bezig.’

Dan komt Aaron binnen. ‘Ik ben klaar. Mag ik het nu voorspelen?’ Hij stelt zijn muziekstandaard op in de woonkamer en speelt zijn solo voor het kleine maar geïnteresseerde publiek. Zijn ouders luisteren vol trots. Tindra kijkt vertederd naar haar neef die zo serieus bezig is dat zijn tong een klein stukje uit zijn mond steekt. Halverwege zijn vioolspel sluit Linn haar ogen en luistert geconcentreerd. Af en toe hoort ze een foutje, maar hij speelt met zoveel gevoel, dat het haar kippenvel bezorgt. Iets dat zelden gebeurt en wat zeker opmerkelijk was voor een kind dat pas zo kort viool speelt. Als Aaron klaar is krijgt hij een warm applaus. Vol verwachting kijkt hij Linn aan.

‘Dat was schitterend Aaron,’ zegt ze. ‘Je speelt met heel veel gevoel, dat kunnen er niet veel.’

Aaron krijgt rode wangen van blijdschap. ‘Mag ik een keertje bij jou komen oefenen en zeg jij mij dan waar ik nog op moet letten?’ vraagt hij met een zacht stemmetje. Linn knikt. ‘Dat zou ik heel erg leuk vinden.’

 

Dan is het bedtijd voor Aaron, en Lars loopt met hem naar boven. Linn kan een geeuw niet meer onderdrukken. ‘Sorry, ik ben nog niet fit genoeg om lange avonden op te blijven. Ik denk dat het tijd is om naar huis te gaan.’ Ze bedankt Enya nog een keer voor het lekkere eten en iedereen voor de gezellige avond.

 ‘Ik loop wel even met je mee naar je huis, het pad is erg slecht te zien in het donker, zegt Tindra. Ze trekt haar jas en laarzen aan, pakt een grote zaklamp uit een kastje en opent de voordeur. ‘Oh wat is het koud.’ Buiten is het pikdonker. Op de plekken waar nog wat sneeuw ligt, licht de grond wat op, verder zijn er geen oriëntatiepunten. Tindra haakt haar arm in die van Linn en knipt de zaklamp aan.

‘Als je de volgende keer komt, moet je het buitenlicht bij je huis aan doen, dan kan je in ieder geval zien welke kant je op moet.’ Gearmd lopen ze voorzichtig over het ongelijke en af en toe gladde pad naar Linns huis. Voor de deur laat Tindra Linns arm los.

‘Ik vond het erg gezellig dat je er was en het was ontzettend lief van je dat je Aaron zo’n compliment gaf.’

‘Het compliment was gemeend, hij speelt echt goed. Jij bedankt, voor het verzorgen van mijn handen.’

‘Als je het leuk vindt, ga ik morgen met je mee om boodschappen te doen', zegt Tinda, ‘dan wijs ik je direct de weg in het dorp. Ik zal je niet voor stellen als ‘die beroemde violiste.’ belooft ze plagend.

Linn lacht. ‘Dat is een geruststelling.’

Weer serieus zegt Tindra: ‘Ik denk trouwens dat ik weet waarom je aan tafel niets wilde zeggen over je ‘vriend’, ik heb daar geloof ik wat over gelezen in de bladen. Dat hij je heeft laten zitten voor een ander of zo.’ Ze kijkt Linn met opgetrokken wenkbrauwen aan.

Linn schudt haar hoofd. ‘Je moet niet alles geloven wat er in de roddelbladen staat,’ zegt ze zacht. ‘De helft is absoluut niet waar. Soms is zelfs het hele verhaal verzonnen.’

Tindra is razend nieuwsgierig naar wat er dan wel waar was, maar Linn gaat er niet verder op in. Ze haalt haar sleutels uit haar zak en opent de deur. ‘Zie ik je morgenochtend tegen een uur of elf?’

Tindra knikt. ‘Ja is goed. Welterusten.’

Linn sluit de deur. Door het raampje in het halletje kijkt ze Tindra na die vergezeld door een smalle lichtbundel weer richting huis loopt.

 



Hoofdstuk 2