Tweede dans

Pas de deux

Tweede dans

Mijn vader was in zijn jonge jaren een gretige danser. En mijn moeder een zelfverklaard muurbloempje. Daardoor liet mijn vader zich niet afschrikken en hij vroeg haar ten dans op een buurtfeest. Koninginnedag 1953. Tot de dood van mijn moeder, nu ruim éen jaar geleden, waren ze onafscheidelijk.

Al snel pakte mijn vader zijn sociale leven weer op. Klaverjassen, biljarten, eten-voor-senioren in de soos. Niets was - en is - deze vitale tachtiger teveel.

Maar er was één ding waarvoor hij niet te porren was: dansen. ‘Dat kan ik je moeder niet aan doen,’ zei hij, als ik dat ter sprake bracht.

Niemand had echter rekening gehouden met enkele doortrapte weduwes in zijn seniorenflat. Zij lokten mijn vader in de val met de belofte van een klaverjasavond, gevolgd door “een gezellig treffen”.

Hij kreeg geen moment rust. Balboekjes bestaan niet meer, maar dat van hem was virtueel overtekend. Tot hij op een zeldzaam rustig moment een kleine vrouw alleen aan een tafeltje zag zitten. Hij stapte op haar af. De foto ligt hier voor me. Die fragiel wordende beer van een man, met in zijn armen een muurbloempje dat mij aan mijn moeder doet denken.

Overigens is de verkering alweer uit.