Het spel is op de wagen

Het spel is op de wagen

Het spel is op de wagen

Roderick kon zijn blik niet van de gevangenistoren naast het stadhuis afwenden. De zenuwen gierden door zijn lijf. Nog steeds was er geen teken van leven te bekennen. Was het Cederick gelukt om op het dak van de toren te komen? Hij had vertrouwen in zijn broer maar toch werd hij overvallen door twijfel.

 

“Roderick, nu!”

 

Hij schrok op. Vanuit de coulissen zag hij het gespannen gezicht van Wilhelm die hem vermanend aanstaarde. Roderick stapte het podium op.

 

“Hooggeëerd publiek. En dan nu het optreden waar u al de hele dag naar uitkijkt. Graag uw applaus voor ‘de brandende stad’.”

 

Wilhelm en Elisabeth betraden het podium. Roderick prijsde zich gelukkig met de twee acteurs. Ze wisten alle aandacht op zich te richten, ook van de wachters. Eindelijk verscheen Cederick op de toren. Naast hem stond Gwendoline. Het zou nog wel even duren voordat Roderick zijn zusje haar stomme misstap zou vergeven. Cederick wachtte op het teken.

 

“Schone deerne, wees niet bevreesd” hoorde Roderick vanaf het podium.

 

Snel gaf hij het teken waarop de toneelknecht een ton met teer in brand stak. De rook greep snel om zich heen en onttrok de gevangenistoren aan het zicht van de toeschouwers. Roderick zag hoe zijn broer en zusje langs een touw afdaalden. Nog een paar meter dacht hij. Net voordat de rook optrok waren ze bij de toneelwagen. Er was geen tijd om zijn zusje te omhelzen. Dit was nog maar de eerste akte.