Loslaten #MicroAngst

Loslaten #MicroAngst

Loslaten #MicroAngst

Mijn zusje en ik kijken elkaar aan: ik zie dat we het direct eens zijn. Dit is het beste voor hem. “Doe het maar.” zeggen we tegelijkertijd tegen de arts.

Zijn gesnurk schalt door de stille ziekenhuisgang. We schieten in de lach. Zo’n vertrouwd geluid in zo’n setting. Het is bijna absurd. Toen ik nog thuis woonde dreunde dat geluid zo door de dunne slaapkamer muur heen. We lopen naar binnen en daar ligt hij. Mijn pappa. Bleek en mager. Een schim van de grote (en tikkeltje te zware) man die hij ooit was. Ik grijp zijn hand. Geen idee of hij dat nog meekrijgt. Er gaat van alles door mijn hoofd. Opluchting omdat hij uit zijn onmenselijk lijden verlost wordt. Tegelijkertijd voel ik mij reddeloos verloren. Mijn rots in de branding voorgoed weg.

Het wachten duurt uren. Een sterk hart. Het laatste uur loop ik van hem weg. Bang. Misschien hou ik hem wel tegen met mijn wanhoop. Ik heb werkelijk geen idee of ik wel zonder hem kan. De verpleegster komt de wachtruimte binnen: “Het duurt nu niet lang meer.” We lopen terug naar het bed. Hij is omringd door zijn zussen en kinderen. Ik grijp weer zijn hand. Mijn altijd bereikbare overlevingsstand is nu ver weg. Tranen druppen op de deken. Terwijl ik naar hem kijk, zie ik ineens het leven uit hem wegtrekken. Het is een vreemde gewaarwording. Wat overblijft, is slechts een omhulsel. “Dag pappa.” zeg ik. En laat zijn hand los.