Kade Karma

Kade Karma

Kade Karma

Het was 1960

Soms was de Maas zo groen als erwtensoep, dan weer had het de kleur van leisteen, wisselend per seizoen en weertype. Hendrik hield het meest van wat hij de Wilde Maas noemde, die had golven van donker grijs water met wit schuim. En hij walgde van de Maas die door het open zwembad stroomde. Het stonk er en er waren ratten. Toen hij die zag meende hij te begrijpen waar de uitdrukking zwemmen als een rat vandaan kwam. Het open zwembad werd ’s zomers als een vierkante vergiet in het water aan de kade gelegd. De jeugd kreeg er zwemles en iedereen vermaakte zich optimaal in het water dat zich het best als open riool liet kenschetsen. Veel ouders van het Noordereiland waren om andere redenen blij met het zwembad: het bespaarde een gang naar het badhuis of gezeul met een zinken teil voor de wekelijkse wasbeurt. Geen douches in de voor-tussen-achterwoningen, alleen de naoorlogse flats hadden die. Niet voor dagelijks gebruik overigens. Het was veel te veel werk om alle emmers met voorgeweekt wasgoed en de wringer elke dag uit het douchehok te halen. Dat kwam ’s zaterdags wel. Het hoorde bij de magie van zaterdagavond. Met z’n allen fris gewassen in schone, gestreken pyjama’s naar Dorus kijken of naar de Mounties. Nog steeds onder de indruk van het wonder zwart-wit televisie. Die had niet iedereen, maar de ouders van Hendrik wel en daar was hij wat trots op. Zijn moeder schonk op zaterdag Exota uit een beugelfles en bij die limonade kreeg hij een gevulde koek, na negen uur afgewisseld door een schaaltje met noten. Iets om de hele week naar uit te kijken.

Noten en zuidvruchten werden gelost aan de Prins Hendrikkade, samen met talloze andere stukgoederen. Die vracht werd opgestapeld, met grote dekzeilen eroverheen. “De pakken” noemden Hendrik en zijn vriendjes het berglandschap met dekzeilen. Het was hun favoriete speelplek, hoewel de beklimming vaak werd verstoord door een bewaker die er rondliep. ”De waker, de waker” riep dan degene die op de uitkijk stond, meestal een jongetje dat zelf niet durfde klimmen. Spannend, zo was het. Vooral toen Ben, de koene allesdurver, vertelde hoe hij een kist had opengemaakt waar pinda’s in zaten. Hij had ze allemaal alleen opgegeten, wat dachten ze dan? Veel te lekker. Een dag daarna was hij ziek. De pinda’s waren vergiftigd zei hij en de bewondering van zijn vrienden was groot. Vergiftigde pinda’s eten en het overleven, je zou het toch maar meemaken. Hendrik twijfelde slechts heel even, vooral omdat zijn vader lachte en zei dat het een onzin verhaal was. Een jongetje kon echt geen kist in zijn eentje openmaken. En bovendien, er was toch een waker aan de kade?

Toen het vliegdekschip de Karel Doorman aanmeerde aan de andere kade, de Maaskade, kreeg menige jongensdroom vorm. Al die mannen in hun matrozenpakken, echt stoer. Geen zee ging hen te hoog en al moesten ze maanden door op een rantsoen van vergiftigde pinda’s, zij stonden paraat voor het vaderland. Hendrik en zijn vrienden hadden geen idee wat die missie voor het vaderland in hield, maar dat het spannend zou zijn konden ze wel raden. Ben zei al gauw dat hij aan een matroos die op wacht stond had gevraagd of hij mee mocht. En? Nee, antwoordde hij plechtig, ik moet eerst school afmaken, dat is belangrijk bij de marine. Het hoeft niet de zeevaartschool te zijn voegde hij er aan toe, omdat hij wel wist dat zijn ouders al voor de L.T.S. hadden gekozen. Je moest vooral technisch zijn, dus het zat met hem wel goed. Hendrik deed er teleurgesteld het zwijgen toe. Het hoofd van de School met den Bijbel had voor hem H.B.S. geadviseerd.

Het werd 2018

Twee mannen van gevorderde leeftijd dronken een borreltje in de Witte de Withstraat. Bij de Zondebok en het Zwarte Schaap . Ben had de keuze voor een café speciaal op die naam geselecteerd. Hoort helemaal bij mij, ik ben mijn leven lang het zwarte schaap geweest, zei hij tegen Hendrik. Ze hadden elkaar al meer dan een halve eeuw niet gezien, dus Hendrik vroeg zich af waar die ontboezeming op stoelde. Het afgelopen half uur had in het teken gestaan van hun hernieuwde kennismaking en, vooral, de terugblik op alle avonturen van zijn jeugdvriend. Veel gereisd, boeiende banen en mooie vrouwen, daar kwam het grotendeels op neer. Ben oogde als de man van de wereld die hij al vanaf de zesde klas van de lagere school meende te zijn. Een maatkostuum en schoenen van Mascolori droegen bij aan die uitstraling. Hij ging zo op in zijn eigen verhaal dat hij enige inbreng van Hendrik niet leek te missen. Die sjorde af en toe zijn afzakkende spijkerbroek richting de plaats die ooit zijn taille markeerde. De broek zakte in een oogwenk weer onder zijn bierbuik. Vergeefse moeite.

“Lekker chickie” hoorde hij Ben zeggen, terwijl hij even zijn  succesverhaal onderbrak. Het commentaar betrof een twintigjarige die onmiddellijk een vies gezicht trok . Moest je zo’n ouwe vent nou zien, met die opzichtige schoenen, dacht zeker dat hij nog dertig was, Hendrik zag het haar denken. Hij schaamde zich diep voor zijn oude schoolvriend en vroeg zich af hoe lang hij de verhalen over wereldreizen en zakelijke successen nog moest aanhoren. Hij bestelde nog maar wat te drinken en rekende ook dit rondje zelf af. Ben maakte daartoe geen aanstalten. Die zei alleen dat hij ook wel een portie pinda’s wilde. En omdat het leeg eten van een schaaltje pinda’s onverenigbaar was met een vloeiend verslag van nieuwe heldendaden, stelde Ben zo waar een vraag aan Hendrik: Ook zo’n interessant leven geleid?

Hendrik had geen idee wat hij moest antwoorden. Hij werkte al jaren niet meer sinds zijn vervroegde uittreding en dat vond hij wel best. Hij had zijn werk, en niet de tijd erna, als het zwarte gat beschouwd. Vertegenwoordiger in scheepsartikelen was hij geweest. Altijd verplicht in het pak en overdreven vriendelijk en beleefd naar de klanten toe. Koffertje in de hand, auto van de zaak; het hele plaatje. Rayonhoofd stond er op zijn visitekaartje, maar er was maar één rayon en één vertegenwoordiger: hij. Toen het bedrijf op de fles ging vertrok hij met een VVV-bon en een ingelijste foto van het stoomschip Rotterdam. Hij nam zich al jaren voor die eens op te hangen. Het had geen haast, want elke dag zag hij het schip in het echt tijdens zijn wandelingen langs de Maas. Dat deed hij graag, wandelen in Rotterdam. Hij had geen enkele behoefte aan reizen, zo mooi was het hier. Er kwamen niet voor niets zo veel toeristen. Gisteren nog had hij een groep Japanse meisjes de weg naar de kubus woningen gewezen. So modern, giechelden ze enthousiast. Toen hij vertelde dat 1984 niet zo erg modern was, geloofden ze hem niet. Ach, dat heb je met die kinderen, zij hebben gelijk en een oude man heeft per definitie niet meer alles op een rijtje.

Het relaas over de ogenschijnlijk saaie levensloop van Hendrik werd plotseling onderbroken. Ben verslikte zich in een handvol pinda’s , hoestte, proestte, liep rood aan en produceerde tot slot een merkwaardig piepend geluid. Hendrik ging achter Ben staan en paste een greep toe die de luchtwegen moest bevrijden van de levensbedreigende obstakels. Het meisje dat naast hen zat, een uur geleden nog gekwalificeerd als lekker chickie, herkende een oude man in doodsnood en belde een ambulance . Het mocht allemaal niet baten, binnen luttele seconden zakte Ben in elkaar. Zijn blauwe gezicht had dezelfde kleur als zijn maatkostuum. Reden voor toegesnelde hulpverleners om te vermoeden dat er meer aan de hand was dan verslikking met de dood tot gevolg.

Nog in shock beantwoordde Hendrik de vragen na dit plotselinge overlijden. Nee, hij bezat geen adres en kende geen namen van familieleden van Ben. Ze hadden elkaar sinds hun twaalfde niet meer gezien. Ben was op zoek gegaan naar oude vrienden en kennissen en zo had hij hem opgespoord. “Hendrik van het Noordereiland?” luidde zijn vraag op Facebook en op die manier waren ze weer in contact gekomen. Zo bewezen de moderne media hun nut. Het lag dan ook voor de hand dat verdere informatie eveneens op zo’n site te vinden zou zijn. Ben was een zeer succesvolle zakenman, met bedrijven en vrienden over de hele wereld. Informatie over zo’n man was makkelijk op te sporen. Hendrik vroeg of hij naar huis kon om bij te komen van het hele drama en dat mocht. Hij zou eerst eens langs de Maas gaan lopen om rust in zijn hoofd te krijgen. Alleen de rivier had dat effect op hem. Het water zou groen en lobbig zijn als erwtensoep. Die tijd van het jaar was het.

Krantenartikel

Gisteren overleed Ben V. , beter bekend als Ben Evenweg. Het bekende televisieprogramma Jatmoos besteedde in de afgelopen jaren vele malen aandacht aan zijn oplichterspraktijken. Het regende aanklachten wegens fraude en diefstal. Echter, Ben V. bleef ongrijpbaar door zijn vele omzwervingen in het buitenland. Sinds vorige week logeerde hij even in Nederland om een oude schoolvriend te bezoeken. In het gezelschap van die jeugdvriend is hij overleden. Naar nu blijkt door het eten van vergiftigde pinda’s. Volgens getuigen luidden zijn laatste woorden “De Waker!”. De betekenis daarvan wordt nog onderzocht.