Misbaksels

Misbaksels

Misbaksels

"Schat, kleine ramp hier", appte Willem naar Hannes. "Neem jij nog een pak koekjes mee?"

Willem vloekte. Niet alleen omdat hij zich verbrandde aan de bakplaat. De koekjes, die hij zo zorgvuldig had uitgedrukt in de vorm van een hart, waren compleet verkoold. Gauw een raampje open gooien, de keuken stond blauw van de rook. Willem voelde de tranen in zijn ogen springen. In plaats van de geur van zelfgebakken koekjes, waarmee hij zo heldhaftig indruk had willen maken, hing hier nu de penetrante lucht van een ontplofte vuurwerkfabriek. Die beslagkom kon hij misschien nog afwassen, voor stofzuigen was er vast geen tijd meer.

Shit, de bel. Hannes was nog niet eens terug. Als de maatschappelijk werkster dit rampgebied betrok, zouden ze zeker worden afgekeurd. En terecht. Dit fiasco toonde maar weer eens aan dat hij en Hannes compleet ongeschikt waren voor het vaderschap. Daar had een maandenlange voorbereiding niets aan veranderd. Hij overwoog om gewoon niet open te doen. Maar dat zou Hannes hem nooit vergeven.

"Hallo, ik ben Evelien", stelde de medewerkster van Pleegzorg zich voor. "Sorry dat ik wat te vroeg ben. Wat hebben jullie een leuk huis! Met lekker veel ruimte om te spelen, dat zie ik zo." Terwijl ze haar jas open ritste, stak ze haar neus in de lucht. "Koekjes proberen bakken? Dat doen er veel bij de kennismaking. Maar kandidaten worden niet afgerekend op bakkunsten." Ze knipoogde. Misschien toch goed dat hij haar had binnen gelaten.