Gouden Hart

Gouden Hart

Gouden Hart

'Gefeliciteerd, u krijgt een hart!'
Ik laat de telefoon uit mijn handen vallen en slaak een gil.
Jeroen komt de kamer in gerend. 'Wat is er?' Bezorgd buigt hij zich over me heen.
Het is maar goed dat ik al zat, anders was ik zeker gevallen. Wat idioot dat het ziekenhuis zomaar belt met zo'n mededeling. Tegen iemand waarvan ze weten dat het hart slecht werkt nota bene! Ze hadden me een hartaanval kunnen bezorgen. Dat zou wat zijn. Zou ik dood neervallen, net als er een donorhart voor me is. Er gaat een rilling over mijn ruggengraat. Dat is wat er gebeurd is met meneer De Jager, één van de mensen in het verzorgingshuis waar ik jarenlang als vrijwilliger de maaltijden heb verzorgd. Nou ja, hij kreeg geen hartaanval precies op het moment van het telefoontje. Maar wel op de dag dat er een hart voor hem beschikbaar was.

'Ze hebben een hart voor me,' stamel ik tegen Jeroen. Er springen tranen in zijn ogen. Hij weet ook dat het nu of nooit is. Zonder nieuw hart zal ik waarschijnlijk geen week meer leven. Hij omhelst me en pakt de telefoon op. Hij praat even met de persoon aan de andere kant. Ik ben te verbouwereerd om de woorden in me op te nemen. Hij hangt al snel op.
'Het was iemand van de vrijwilligersvereniging,' zegt hij, zijn stem vol ontsteltenis. 'Je krijgt een Gouden Hart, de onderscheiding voor vrijwilligerswerk. Of je volgende week naar de uitreiking kunt komen.'