Leugentje om bestwil

Leugentje om bestwil (#MicroAngst)

Leugentje om bestwil

Ik heb een hekel aan liegen. Daarom twijfelde ik toen ik een eersteklaskaartje vond. Mijn instinct zei me naar de conducteur te lopen, maar één blik in de volle tweede klas deed mij dit vergoelijken.

In de eersteklascoupé zat alleen een bejaarde dame. ’Goedemiddag,’ zei ik en nam tegenover haar plaats. Van schrik liet ze haar kaartje vallen.
Ik raapte het op. Ze nam het niet aan, maar keek me met grote ogen aan. Ze was verstijfd van angst.
’Gaat het?’
’Evert?’ vroeg ze.
’Nee,’ zei ik. ’Michaël.’
Ze prevelde iets.
’U bent gekomen.’
’Ik ben gekomen?’
Ze knikte.
’Tot ik twee treinkaartjes won kende ik niets dan ongeluk. Eerst de ziekte van mijn man, daarna het lange ziekbed van mijn zoon. Hoe hij heeft geleden. Ik zag hem wegkwijnen. Maar nu bent u hier, met het gezicht van mijn zoon.
Ik staarde haar aan.
Ze haalde een hanger, die om haar nek ging, tevoorschijn.
’Ik draag het sinds ik een meisje was. Ik doe het nooit af.’
Het was een engeltje.
’Sint Michaël,’ zei ze.
De tranen stonden in haar ogen.
’Evert, mijn zoon. Hij had zo’n pijn bij zijn overlijden. Zo’n pijn... Vertelt u mij, heeft hij nu zijn rust gevonden?’
Ik keek haar aan.
’Prima,’ zei ik. ’U hoeft zich geen zorgen te maken.’
Ik zat daar, terwijl ze naar me glimlachte.
Toen werd Station Roermond omgeroepen.
’Dit is mijn halte,’ loog ik. Opgelucht ontvluchtte ik de coupé.