De laatste brief

De laatste brief

De laatste brief

Toen hij drie jaar geleden de eerste liefdesbrief ontdekte in een gerecyclede blauwe envelop van de Belastingdienst was hij niet verbaasd. Dat zijn vrouw er een minnaar op na hield, vermoedde hij al langer. Maar dat haar bedrog zo gemakkelijk te achterhalen was, deed hem het meeste verdriet. Wat onderschatte ze hem.
De brieven deed ze bij het oud papier waar hij in de wintermaanden de houtkachel mee aanmaakte. Wanneer ze zich ’s avonds klaarmaakte voor de nacht viste hij ze uit de bak en las ze. Er stonden zinnen in waarvan hij op een vreemde manier opgewonden raakte.
De laatste brief dateerde van vorige week. Dat het ook echt de allerlaatste brief was, wist zij nog niet. Het was eenvoudig geweest de minnaar te traceren. Die middag verraste hij hem in zijn woning en klemde net zolang zijn handen om zijn keel tot al het leven uit hem was verdwenen. Hij wenste dat hij het haar kon vertellen, zodat ze wat meer respect voor hem zou krijgen.
Nu zaten ze samen voor de haard. Hij hield een lucifer bij de brief. Het vuur kreeg vat op de envelop. Hij glimlachte naar haar. De laatste brief ging in vlammen op.