Een dag met een Delfts Blauw randje

Een dag met een Delfts Blauw randje

Een dag met een Delfts Blauw randje

Verbijsterd kijk ik naar de dichte deur. We zijn hiervoor het halve land door gereisd. Hoe kan het nou dicht zijn? Ik neem Ria graag mee naar musea. Ik kan me verheugen op het moment dat Ria haar arm om mijn middel slaat, haar hoofd op mijn schouder laat rusten en fluistert: 'Dit vind ik de mooiste.'
'Heb je de openingstijden niet opgezocht?' vraagt Ria.
Ik sluit mijn ogen en haal diep adem. 'Laten we maar het beste maken van ons dagje Delft.'
Mopperend loopt ze een straatje in. Ik zucht en volg haar. Het is jaren geleden dat ik hier was, maar ik herken de grachten, de smalle huizen en de oude kerk die weer wat schever staat. Gezicht op Delft. Eigenlijk loop je hier altijd in een schilderij van Vermeer.

Ik hoor Ria's gemopper een hoek om slaan. Misschien moet ik voorstellen om straks te gaan winkelen, daar vrolijkt ze meestal van op. Mijn blik dwaalt door de huizen die ik passeer en blijft hangen bij iets glimmends. Een jonge vrouw met glanzende ronde oorbellen kijkt op en glimlacht naar me. Het meisje met de parel. Ik lach even terug en loop door.

'Ach Kees, moet je nou kijken.' Om de hoek is Ria stil blijven staan. Ook zij kijkt een huis in. Zodra ik naast haar sta, zie ik wat ze bedoelt. Een vrouw schenkt uit een grote kan een zestal bekers vol. Het melkmeisje. Ik voel een arm om mijn middel.